VAN HOORNE

Philips van Montmorency, Graaf van Horn, geboren 1524, onthoofd 5 juni 1568.

De Graaf van Hoorne behoorde tot de hoge adel. Net als Willem van Oranje groeide hij op aan het hof van Karel V. Deze maakte hem ridder in de Orde van het Gulden Vlies. Hij kreeg de onderscheiding samen met de graaf van Egmond. Filips II, zoon van Karel V, benoemde Hoorne tot hoofd van zijn lijfwacht. Bovendien werd hij admiraal van de koninklijke vloot en stadhouder van Gelderland. Ook werd hij benoemd tot lid van de Raad van State.

Toen Filips in 1559 naar Spanje ging, was van Hoorne bevelhebber van de vloot die hem begeleidde. Hij bleef aan het hof van Filips tot 1563. Toen keerde hij terug naar Brussel. Daar pleitte hij met succes voor het vertrek van Granvelle, de adviseur van landvoogdes Margaretha van Parma.

Van Hoorne was tegen de invoering van de strenge kettervervolging. Hij behoorde tot de Liga van hoge adel, die zich tegen Filips II keerde en speelde in 1565 1566 een twijfelachtige rol. Toen in Doornik de beeldenstorm uitbrak, wist hij de stormers over te halen, te stoppen. Hij beloofde hun dat ze, buiten de stad, hun eigen kerk mochten bouwen. De landvoogdes was hem dankbaar dat hij de stormers in bedwang had gekregen, maar Filips II was alleen maar boos om de concessie, die hij gedaan had. Van Hoorne ging naar het buitenland maar voelde zich verplicht naar Brussel terug te gaan toen hij hoorde dat Filips Alva naar Nederland stuurde. Toen Alva in 1567 in Brussel aankwam was van Hoorne daarbij aanwezig.

Alva ontving van Hoorne met alle egards, die bij diens hoge ambt pasten. Van Hoorne had dus niets in de gaten toen Alva hem op 9 september 1567 uitnodigde voor een maaltijd. Na het eten liet Alva van Hoorne gevangen nemen. Dat hij ridder van het Gulden Vlies was , hielp niet. Samen met de Graaf van Egmond, de andere Vliesridder, werd hij naar Gent gebracht en in 1568 terug naar Brussel.

Zij werden beschuldigd van hoogverraad en daarvoor ter dood veroordeeld. Op 5 juni 1568 werden de vonnissen in Brussel voltrokken. Beiden werden ze onthoofd, eerst van Egmond, daarna van Hoorne. In tegenstelling tot van Egmond werd van Hoorne in zijn laatste uren niet bijgestaan door een katholieke priester. Zijn laatste woorden waren: Heer, in Uw handen beveel ik mijn geest.

Hij werd begraven in de Sint Martinus-kerk in Weert.